Columns

Lang haar en nat scheren

By 05/01/2013 No Comments

Mijn oom Herman begon ’s morgens om acht uur met werken en stopte om zes uur. Behalve als er nog wachtenden waren.Dan knipte en scheerde hij door tot uiterlijk 5 minuten voor 7. Klokslag 7 uur schepte mijn tante namelijk het eten op en zij at niet graag alleen. Oom Herman op zijn beurt at bijzonder graag vrij veel dus zelfs al moest er iemand die verplicht had moeten overwerken om acht uur ’s avonds op zijn eigen verjaardagsfeest zijn; uiterlijk vijf voor zeven zat zijn werkdag er op .

Oom Herman hing van vaste gewoonten aan elkaar. Zo had hij de eigenschap  om al zijn klanten te voorzien van het hetzelfde model haar; een model dat in 3 varianten bestond. Stekeltjes met een opgeschoren nek of een opgeschoren nek met iets langer haar aan de bovenkant.Dat laatste noemde hij ‘’het gedekte model ’’. Het gedekte model had op zijn beurt weer de subvariant die het mogelijk maakte er een vetkuif bij te hebben.Voordat de incidentele jongere lezer nu de conclusie trekt dat oom Herman een baggerkappper was: integendeel! Hij knipte en schoor subliem en zijn gewoonte om maar 1 model in 3 varianten te willen knippen liep parralel aan de knipwens van ruim 99% van  alle mannen en jongens. In de zestiger jaren ontstond bij sommige jonge mannen de wil om het haar in navolging van muzikale helden als de Beatles en de Rolling Stones lang te gaan dragen. Oom Herman weigerde deze jonge mensen te knippen. Niet omdat hij , zoals vele ouderen in zestiger jaren, walgde van mannen die lang haar droegen, helemaal niet, oom Herman was een tolerante man.  Hem ontbrak wel de benodigde kniptechniek. Mannen met lang haar verwees hij naar de vrouwenafdeling van de kapperszaak. Soms als ik bij de vrouwen wachtte om geknipt te  worden vroeg mijn tante ( die het haarwerk in die afdeling van de kapperszaak tot klokslag zes uur verzorgde omdat het eten nou eenmaal om 7 uur klaar moest zijn) me te wachten in de mannenafdeling. Als ik dan aan de beurt was legde mijn tante uit dat ze zojuist een ruziemaakster met weerzin tegen mannen met lang haar aan het permanenten was, maar dat die nu met de Margriet en de instructie om niet onaardig tegen haar neef te zijn onder de warmtekap zat. Als ik bij de mannen wachtte om bij de vrouwen geknipt te kunnen worden trof ik wel een wachtenden die hun neus voor me ophaalden. Of het via de band speelden. Bijvoorbeeld door aan oom Herman te vragen waarom die halve meid niet bij de vrouwen aan het wachten was. Oom Herman was dan  kort. “ In de zaak gelden 3 regels, hier wordt 1. Niet gediscussierd over politiek. 2. Niet getwist over godsdienst. En 3. De haardracht van mensen wordt hier niet belachelijk gemaakt.” Hiermee was de discusie gesloten. Oom Herman had  namelijk de reputatie een krachtmens te zijn die voor de duvel en zijn ouwe moer niet bang was. Dat klopte grotendeels. Hij mocht graag vertellen dat hij op de jaarlijkse kermis in zijn geboorteplaats Coevorden de jonge kermisbezoekers uit omringende dorpen die naar Coevordense meisje lonkten mild bewusteloos sloeg.Of in ieder geval Coevorden uit. Als iemand dan vroeg of hij nooit bang was geweest om zelf klappen te krijgen vertelde hij steevast dat hij maar 1 keer in zijn leven oprecht angst ervoer. “ Halverwege de oorlog stond er ineens een auto met twee Duitse officieren voor de zaak en ik moest meekomen met mijn scheermes, kwast en zeep. Op de Maliebaan in het hoofdkwartier van de NSB  kreeg ik de opdracht om Seijss –Inguart te scheren want zijn eigen kapper was ziek.’’ Kein Blut ” was het enige wat die schoft tegen me zei. Tewijl ik hem schoor hield een officier een doorgeladen pistool op 20 centimeter  van mijn hoofd. Ze waren natuurlijk doodsbang dat ik met dat vlijmscherpe scheermes zijn keel door zou snijden. Toen was ik voor het eerst van mijn leven bang, want als ik van angst een trilhand zou krijgen en er bij het scheren bloed zou vloeien dan kon zo’n mof zo maar de trekker overhalen. Maar ik leef nog en Seyss- Inquart niet .”

Deel 2 volgt.

Tom

Tom